Schorsing arbeidsovereenkomst

Moet de werknemer zijn/haar bedrijfswagen inleveren bij langdurige afwezigheid?

Bedrijfswagens worden in twee categorieën ingedeeld:

Als een werknemer de wagen uitsluitend voor het werk (en dus niet voor privédoeleinden) gebruikt wordt, moet hij/zij de bedrijfswagens op vraag van de werkgever inleveren bij langdurige afwezigheid (vb. verlof of ziekte). De wagen maakt geen deel uit van het loon.

De werknemer mag in de meeste gevallen de wagen ook privé gebruiken. Dan geldt de wagen als een voordeel in natura, wat maakt dat deze deel uitmaakt van het loon. Maar wat bij afwezigheid op het werk?

  • Tijdens het gewaarborgd loon

    De werknemer behoudt het recht op de wagen.

  • Na het gewaarborgd loon

    De werkgever mag de wagen terugvragen, zelfs als daarover schriftelijk niks is vastgelegd. De werknemer dient wel voldoende tijd te krijgen om zich aan de gewijzigde situatie aan te passen.

  • Zwangerschap

    Tijdens de zwangerschapsrust is de werkgever geen loon verschuldigd, dus mag deze de wagen terugvragen. De werkneemster dient wel voldoende tijd te krijgen om zich aan de gewijzigde situatie aan te passen.

  • Tijdskrediet of thematisch verlof

    • Volledig tijdskrediet: De werknemer kan geen aanspraak maken op loon of andere voordelen.

    • Gedeeltelijk tijdskrediet: Het is af te raden om de bedrijfswagen zomaar terug te eisen voor de niet-gewerkte dagen indien daarover geen bepaling in de carpolicy werd opgenomen.

  • Vakantie

    De werknemer mag de wagen blijven gebruiken tijdens zijn/haar vakantie. De werkgever kan dit wel beperken (vb. tot binnen België) via een carpolicy.


Om discussies te vermijden is het verstandig duidelijke regels op te nemen over het gebruik van de bedrijfswagen tijdens afwezigheden zoals ziekte, vakantie en ouderschapsverlof in een carpolicy.

Hoe lang duurt het moederschapsverlof?

Een werkneemster heeft recht op 15 weken moederschapsverlof, opgesplitst in de zwangerschapsrust (= prenatale rust) en de bevallingsrust (= postnatale rust).

De werkneemster mag vanaf 6 weken vóór de vermoedelijke bevallingsdatum haar bevallingsrust opnemen, wat de werkgever niet mag weigeren. Neemt ze slechts een gedeelte op, dan wordt het resterende deel overgedragen naar de bevallingsrust. Vanaf de 7de kalenderdag vóór de vermoedelijke bevallingsdatum moet de werkneemster verplicht thuis blijven.

Uiterlijk 7 weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum dient de werkneemster een doktersattest aan de werkgever te bezorgen met deze datum op, zodat de zwangerschapsrust berekend kan worden.

Bij een vroegtijdige bevalling wordt het aantal dagen dat overgedragen kon worden naar de bevallingsrust vermindert met de dagen waarop de werkneemster in de laatste 7 dagen vóór de bevalling gewerkt heeft. Bij een laattijdige bevalling wordt de zwangerschapsrust automatisch verlengd tot aan de effectieve bevallingsdatum.

De bevallingsrust duurt verplicht 9 weken vanaf de dag van de bevalling. Heeft de werkneemster nog gewerkt op deze dag, dan begint de rust de volgende dag.

De laatste 2 weken van de bevallingsrust mogen, onder voorwaarden, omgezet worden in verlofdagen. Deze dagen moeten binnen 8 weken na het einde van de ononderbroken bevallingsrust opgenomen worden. Let wel dat dit enkel mogelijk is wanneer de bevallingsrust met minstens 2 verlengd kan worden.

Als de werkneemster tijdens de volledige 6 weken voor de bevalling arbeidsongeschikt (vb. ziekte of ongeval) was, kan ze de bevallingsrust met 1 extra week verlengen.

De bevallingsrust kan verlengd worden wanneer de baby na de eerste 7 dagen aaneensluitend in het ziekenhuis moet blijven. Deze verlenging mag niet langer dan 24 weken zijn.

De werkneemster mag vanaf 8 weken vóór de vermoedelijke bevallingsdatum haar bevallingsrust opnemen, wat de werkgever niet mag weigeren. Neemt ze slechts een gedeelte op, dan wordt het resterende deel overgedragen naar de bevallingsrust. Vanaf de 7de kalenderdag vóór de vermoedelijke bevallingsdatum moet de werkneemster verplicht thuis blijven.

De postnatale rust duurt verplicht 9 weken. Op vraag van de werkneemster kan er een verlenging van maximum 2 weken volgen.