25/06/2026

Jaarverslag 2025 Dienst Voorafgaande Beslissingen in Fiscale Zaken

Als belastingplichtige kan je een aanvraag tot voorafgaande beslissing indienen waarbij de FOD Financiën overeenkomstig de van kracht zijnde bepalingen vaststelt hoe de wet wordt toegepast op een bijzondere situatie of verrichting die op fiscaal vlak nog geen uitwerking heeft gehad. Recent heeft de Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken van de FOD Financiën (DVB) haar jaarverslag van 2025 gepubliceerd.

Hierbij lichten we enkele beslissingen en posities van de DVB toe die relevant zijn in personeelszaken.

Meerdere ICT-toestellen van hetzelfde type via cafetariaplannen

In haar jaarverslag gaat de DVB dieper in op cafetariaplannen waarbij werknemers hun budget kunnen gebruiken voor de terbeschikkingstelling van meerdere ICT-toestellen van eenzelfde type, bv. meer dan één PC/desktop, smartphone en/of tablet. Het belastbare voordeel wegens het persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gesteld ICT-toestel of abonnement (VAA) wordt forfaitair vastgelegd op:

  • 72 euro per jaar voor een vaste of mobiele PC

  • 36 euro per jaar voor een tablet of mobiele telefoon

  • 60 euro per jaar voor een vaste of mobiele internetaansluiting

  • 48 euro per jaar voor een vast of mobiel telefoonabonnement

Deze forfaitaire waardering ligt lager dan de werkelijke waarde.

De huidige wetgeving sluit de terbeschikkingstelling van meerdere ICT-toestellen van hetzelfde type niet uit. De forfaitaire bedragen van het VAA zijn van toepassing per ter beschikking gesteld toestel en moeten in voorkomend geval worden opgeteld.

De DVB vraagt zich af of het werkelijk de bedoeling was van de wetgever om het VAA van elk van de ICT-toestellen op hetzelfde bedrag vast te leggen. Het is immers niet ondenkbaar dat de tweede laptop, tablet en/of smartphone voornamelijk wordt gebruikt door de partner en/of de kinderen van de werknemer in plaats van door de werknemer zelf.

Om eventuele misbruiken te vermijden is de DVB van oordeel dat enkel het VAA van het eerste toestel per type op forfaitaire basis zou moeten worden bepaald. Het tweede toestel zou op de reële waarde moeten worden gewaardeerd.

Dit standpunt houdt geen wetswijziging in. De huidige regelgeving blijft dus gelden. Dit betekent wel dat ondernemingen zonder ruling meer risico’s kunnen lopen op een hogere waardering van het tweede toestel van hetzelfde type of dat het moeilijker zal worden om een nieuwe ruling te bekomen voor de toepassing van het forfaitaire VAA bij de terbeschikkingstelling van meerdere ICT-toestellen van hetzelfde type.

Dit standpunt van de DVB heeft geen betrekking op de terbeschikkingstelling van meerdere ICT-toestellen van een andere soort, bv. één laptop en één smartphone.

Diensten om reizen te upgraden via cafetariaplan

Een onderneming biedt tegen betaling diensten aan om een reis efficiënter en comfortabeler te maken, door o.a. toegang te geven tot de Fast Lane en de business lounge. De onderneming wil deze diensten aanbieden aan werkgevers die deze vervolgens als optie kunnen aanbieden in een cafetariaplan. De aanbieder van deze dienst vroeg de DVB of dit voordeel als sociaal voordeel kan worden beschouwd in hoofde van de werknemer en niet-aftrekbaar is in hoofde van de werkgever.

De DVB is echter van oordeel dat dit voordeel dient te worden beschouwd als een belastbaar voordeel van alle aard in hoofde van de werknemers.

Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing op ploegenarbeid

Een onderneming die actief is in de beveiligingssector vroeg aan de DVB of ze de vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing op ploegenarbeid kan toepassen op het personeel dat zij ter beschikking stelt aan haar cliënteel ter versterking van de bestaande bewakingsploegen. De betrokken werknemers draaien mee in het ploegenregime (vroege/nacht) van de klant. De onderneming is geen erkend uitzendkantoor.

De DVB benadrukt dat de wettelijke bepalingen eisen dat de ploegenarbeid wordt verricht in de onderneming. De specifieke uitzondering voor uitzendkantoren in dezelfde bepaling wijst erop dat het werken op locatie bij derden in principe niet onder de gewone regeling valt. De DVB is daarom van oordeel dat de gevraagde vrijstelling niet kan worden toegepast.

De DVB wijst er overigens op dat werknemers uit verschillende ondernemingen geen ploeg kunnen vormen in de zin van de wet.

Bron: Dienst Voorafgaande Beslissingen In fiscale zaken - Jaarverslag 2025, https://www.ruling.be/nl/downloads/jaarverslag-2025.

Gerelateerde artikels

05/11/2026
KB 213 in de bouwsector: meldingen voortaan via e-mail
Werkgevers in de bouwsector (PC 124) kunnen hun arbeiders onder bepaalde voorwaarden tot 180 extra uren per jaar laten werken via het systeem van KB 213. Voor ondernemingen zonder vakbondsafvaardiging kan de verplichte melding voor de eerste 130 meeruren voortaan eenvoudig via e-mail gebeuren.
Lees meer
Lees meer
05/11/2026
Hof van Cassatie verduidelijkt de cumulatie van beschermingsvergoedingen bij ontslag
Het Hof van Cassatie heeft in drie recente arresten verduidelijkt dat verschillende beschermingsvergoedingen bij ontslag in principe niet kunnen worden gecumuleerd wanneer ze dezelfde schade vergoeden. Beschermingsvergoedingen kunnen wel nog samen worden toegekend onder bepaalde strikte voorwaarden.
Lees meer
Lees meer
05/11/2026
Vrijstelling doorstorting van bedrijfsvoorheffing: verhoogde IPA-korting
Wist je dat je als kleine onderneming onder bepaalde voorwaarden recht hebt op een verhoogde IPA-korting? Hierdoor hoef je 0,12% van de bruto bezoldigingen van je werknemers niet door te storten aan de fiscus. Ontdek de voorwaarden en formaliteiten.
Lees meer
Lees meer