De vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing is een fiscale maatregel waarbij je als werkgever in bepaalde gevallen slechts een deel van de ingehouden bedrijfsvoorheffing op het loon van jouw werknemers moet doorstorten aan de schatkist. Deze maatregel biedt werkgevers een voordeel op het vlak van loonkosten.
Er bestaan verschillende vrijstellingen, elk met eigen voorwaarden en formaliteiten. Graag brengen wij deze opnieuw onder jouw aandacht. In de komende weken zullen wij de verschillende vrijstellingen afzonderlijk bespreken in onze nieuwsbrieven.
Ben je een startende onderneming of sta je op het punt er één op te richten? In bepaalde gevallen kan je dan genieten van een vrijstelling op de doorstorting van de bedrijfsvoorheffing (BV). Hieronder zetten we de belangrijkste voorwaarden en aandachtspunten op een rij.
Vrijstelling doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor startende ondernemingen
:focal())
Aan welke voorwaarden moet je voldoen?
Om in aanmerking te komen voor de vrijstelling, moet je als werkgever tegelijk aan de volgende drie voorwaarden voldoen:
Onder het toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 vallen
Je onderneming moet vallen onder de wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. In de praktijk betekent dit dat bijna alle ondernemingen uit de privésector in aanmerking kunnen komen.Kleine vennootschap, microvennootschap of natuurlijk persoon
Je bent ofwel een kleine vennootschap, een microvennootschap, of een natuurlijk persoon die voldoet aan dezelfde criteria. Voor het laatst afgesloten boekjaar mag niet meer dan één van de onderstaande criteria worden overschreden:Microvennootschap
Kleine vennootschap
Jaargemiddelde personeelsbestand
10
50
Jaaromzet, excl. BTW
€900.000
€11.250.000
Balanstotaal
€450.000
€6.000.000
Worden meer dan één van deze criteria overschreden of net niet meer overschreden, dan heeft dit pas gevolgen als dit twee opeenvolgende boekjaren gebeurt. De gevolgen gaan dan in vanaf het daaropvolgende boekjaar.
Bij verbonden vennootschappen worden de omzet en het balanstotaal op geconsolideerde (gegroepeerde) basis beoordeeld. Voor het personeelsbestand wordt in verbonden vennootschappen het jaargemiddelde van het aantal werknemers van alle betrokken verbonden vennootschappen samengeteld. Wanneer er boekhoudkundig geen consolidatie wordt opgemaakt, kan je kiezen voor een alternatieve consolidatie, waarbij de drempels met 20% worden verhoogd.
Start je pas met je activiteit en beschik je nog niet over cijfers, dan moet je de verwachte cijfers bij de start van het boekjaar te goeder trouw ramen.Maximum 48 maanden ingeschreven in de KBO
Je onderneming mag maximum 48 maanden zijn ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Deze termijn begint te lopen vanaf de eerste dag van de maand volgend op de inschrijving in de KBO.
Zet je een activiteit voort die eerder werd uitgeoefend door een andere natuurlijke persoon of andere rechtspersoon, dan begint de termijn te lopen vanaf de eerste dag van de maand volgend op de eerste inschrijving in de KBO door die natuurlijke of rechtspersoon.
Welk voordeel levert dit op?
Indien bovenstaande voorwaarden vervuld zijn, word je als werkgever voor een bepaald percentage vrijgesteld van het doorstorten van de ingehouden bedrijfsvoorheffing. Momenteel bedraagt dit percentage 10% voor kleine vennootschappen en natuurlijke personen die aan dezelfde voorwaarden voldoen. Voor microvennootschappen (of natuurlijke personen die aan dezelfde criteria beantwoorden) wordt dit percentage verhoogd tot 20%.
De vrijstelling kan enkel worden toegepast tijdens de opstarttermijn van 48 maanden, die ingaat op de eerste dag van de maand na de eerste KBO inschrijving.
De vrijstelling wordt berekend op 100% van de verschuldigde en ingehouden bedrijfsvoorheffing op de bezoldigingen van werknemers. De vrijstelling kan het bedrag van de ingehouden bedrijfsvoorheffing nooit overschrijden.
Vanaf 1 januari 2027 wordt het bedrag van de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing verminderd door een correctiefactor. De vrijstellingspercentages worden daardoor effectief beperkt tot:
97% van het berekende vrijstellingsbedrag in 2027;
93,35% van het berekende vrijstellingsbedrag in 2028;
95,9% van het berekende vrijstellingsbedrag vanaf 2029.
Werkgevers die gebruikmaken van deze vrijstellingsstelsels zullen hierdoor een groter bedrag aan bedrijfsvoorheffing moeten doorstorten aan de Schatkist.
Welke formaliteiten moeten worden vervuld?
De werkgever die aanspraak wil maken op deze vrijstelling, draagt hiervan zelf de bewijslast. Je moet m.a.w. aan de hand van feitelijke elementen kunnen aantonen dat er voldaan is aan de voorwaarden.
Hiervoor moet je als werkgever een nominatieve lijst ter beschikking houden van de Administratie met de volgende gegevens voor elke werknemer:
De volledige identiteit
Het rijksregisternummer
Het bedrag van de betaalde of toegekende bruto belastbare bezoldigingen
Het bedrag van de op die bezoldigingen ingehouden bedrijfsvoorheffing en een gedetailleerde berekening van die bedrijfsvoorheffing
Daarnaast moet je kunnen aantonen dat je voldoet aan de voorwaarden van startende kleine of microvennootschap (of natuurlijk persoon onder dezelfde voorwaarden).
De Administratie kan steeds de juistheid van de gegevens vermeld op de nominatieve lijst nagaan en daartoe de nodige bewijsstukken opvragen en onderzoeken.
AANDACHTSPUNTEN!
|
:focal())
:focal())
:focal())