07.01
2021

Van gin-tonic valt u af en vaccinatie veroorzaakt autisme

 

Geef toe, met deze titel hebben we uw aandacht getrokken. Het zijn twee beweringen die u geregeld terugvindt op het internet. En nee, de eerste bewering is jammer genoeg niet waar maar wordt maar al te graag voor waar aangenomen. Het tweede deel van de titel gaat er echter bij velen ook in als zoete koek. Beide beweringen zijn echter even vals.

In deze bijdrage willen we het dan ook even hebben over vaccinaties, en meer bepaald over de vaccinatie tegen het Covid-19-virus die er dit jaar zit aan te komen. Wat is of wat doet een vaccin? Zijn er gevaren verbonden aan vaccinatie? Zijn de vaccins die eraan komen wel veilig, het is allemaal zo snel gegaan…?

Om te beginnen misschien toch eerst even de titel ontkrachten. Nee, van vaccinatie wordt u niet autistisch. Dit wijdverspreid verhaal kent zijn oorsprong in een onderzoek uit 1998 van de Britse arts Andrew Wakefield. Uit een studie van welgeteld 12 kinderen concludeerde deze man, want dokter mogen we hem sindsdien niet meer noemen, dat het mazelenvaccin aanleiding gaf tot autisme. Achteraf bleken de gegevens van het onderzoek ook nog eens gefraudeerd te zijn. De man werd dan ook geschorst als arts en het onderzoek werd teruggetrokken. ‘Echt’ wetenschappelijk onderzoek op miljoenen kinderen die wel of juist niet tegen mazelen gevaccineerd werden heeft achteraf nooit enig verband tussen mazelenvaccin en autisme kunnen aantonen.

Maar mede door dit soort artikels heeft de antivaxersbeweging intussen een hoge vlucht genomen. Zodanig zelfs dat de Wereldgezondheidsorganisatie vaccinatietwijfel bij de top-10 van gezondheidsbedreigingen wereldwijd rekent. Meer en meer ouders vinden inderdaad dat ze hun kroost niet aan vaccins mogen ‘blootstellen’. Naast zuiver water is vaccinatie nochtans het 2de meest levensreddende middel op aarde, meer dan welk geneesmiddel dan ook. Men schat dat tussen 2010 en 2015 meer dan 10 miljoen overlijdens vermeden zijn door allerlei vaccinatiecampagnes. Want men zegt wel eens met een boutade: ‘Vaccins redden geen levens, vaccinaties redden levens’.

Wat is een vaccin – hoe werkt het?
Het eerste vaccin werd rond 1800 ‘uitgevonden’ door de Britse arts Edward Jenner. Hij ontdekte dat melkmeisjes die besmet waren met koepokken (van een virus had men toen natuurlijk nog niet gehoord) immuun waren tegen de menselijke variant van pokken. Jenner infecteerde daarop een jongetje met koepokken. Het kind werd weliswaar wat ziekjes, maar was er binnen de week weer bovenop. Nadien stelde hij vast dat het kind niet meer reageerde op besmetting met een menselijke variant van de pokken. De vaccinatie (van het Latijn Vacca of koe) was geboren. Dat het een grote uitvinding was mag blijken uit het feit dat in de tijd van Jenner ongeveer 10% van de bevolking overleed aan pokken en dat de Wereldgezondheidsorganisatie de pokken
sedert 1980 als uitgeroeid beschouwt.

Sedert 1800 is er natuurlijk veel gebeurd, maar het principe blijft nog altijd min of meer hetzelfde: we gaan het lichaam ‘besmetten’ met een dode of een afgezwakte variant van
de ziekteverwekker (dit kan zowel een virus als een bacterie zijn). Ons immuunsysteem gaat reageren zonder dat we echt ziek worden. We maken antistoffen en T-cellen (een specifiek soort afweercellen) aan. Het lichaam onthoudt a.h.w. deze informatie en wanneer we op een later tijdstip met het echte virus of de echte bacterie in contact komen zullen de verdedigingsmechanismen zeer snel op gang worden gebracht. Deze snelle reactie verhindert op dat ogenblik dat we effectief ziek zullen worden.

Welke types vaccins kent men?
Ingaan op alle mogelijke types van vaccins zou ons hier wat ver leiden. Klassiek onderscheidt men levende en dode vaccins. Bij levende vaccins wordt een afgezwakt of een nietinfectieus virus of een deel ervan gebruikt. Het virus gaat zich weliswaar vermenigvuldigen in onze cellen, maar gaat ons niet ziek maken. Deze techniek wordt bijvoorbeeld gebruikt bij de vaccins tegen mazelen, bof, rode hond… Bij een dood vaccin wordt, zoals de naam het laat vermoeden, gebruik gemaakt van een geïnactiveerd of dood virus. Het voordeel is hier dat het vaccins ons zeker niet ziek kan maken. Omdat het virus dood is en zich niet meer kan vermenigvuldigen, is de respons van het lichaam meestal van die aard dat meerdere injecties nodig zijn. Het vaccin tegen hepatitis A en tegen polio zijn voorbeelden van geïnactiveerde vaccins.

Naast deze klassieke technieken worden ook nieuwere technieken gebruikt: mRNA-vaccins, koeriervaccins, eiwitvaccins… Bij een mRNA-vaccins (zoals o.a. het Pfizer- en het Moderna-vaccin) wordt een stukje van de genetische code van het virus ingespoten. Ons lichaam gaat als reactie hierop bepaalde eiwitten van het virus produceren (zonder het virus zelf aan te maken natuurlijk). Het afweersysteem zal zich dan wapenen tegen dit eiwit, zodat we, wanneer we later met het virus besmet worden, voorbereid zijn. Bij koeriervaccins wordt een onschuldig virus gebruikt om een stuk van de genetische code van het Covid-19-virus in het lichaam te brengen. Dit is de technologie die o.a. door Johnson & Johnson en Astra-Zeneca gebruikt wordt.

Hoe ontwikkelt men een vaccin en gaat het nu niet allemaal wat snel?
In het begin van de coronapandemie werd ons gezegd dat we niet te snel op een vaccin moesten hopen: dat duurde al vlug enkele jaren. En zie nu, we zijn nog geen jaar verder en verschillende vaccins maken al hun opwachting. Is het dan wel veilig, kunnen we er wel op vertrouwen?

Het is natuurlijk niet zo dat de onderzoekers met een blanco blad moesten beginnen. Men heeft al een jarenlange ervaring in het maken van vaccins. De technologie moest dan ook niet uit het niets opgebouwd worden. De genetische code van het Covid-19-virus werd door de Chinezen al op 12 januari 2020 vrijgegeven (afin, eigenlijk ‘pas’ op 12 januari, want ze kenden de code al van 26 december 2019). Vanaf toen konden wetenschappers aan de slag met de ontwikkeling van testen maar ook van vaccins.

Wereldwijd zijn tienduizenden onderzoekers begonnen aan de ontwikkeling van een vaccin. En dit zowel bij farmaceutische bedrijven als in onderzoeksinstellingen en universiteiten. Vaak werden lopende onderzoeken tijdelijk ‘on hold’ gezet om alle energie in Covid-19 te steken. Anders dan anders is veel informatie gedeeld door de onderzoekers uit de hele wereld. Gezien de omvang van het probleem was immers geen enkel bedrijf in staat alle vaccins voor de gehele wereld te produceren.

De ontwikkeling van een vaccin loopt altijd via een min of meer zelfde stramien. Eerst wordt een potentieel werkzaam vaccin aan proefdieren toegediend. Stelt men vast dat de dieren na blootstelling aan het virus antistoffen ontwikkelen dan gaat men over op studies bij mensen. Dit gebeurt in 3 fases. Eerst wordt bij een beperkte groep gezonde vrijwilligers nagegaan of het vaccin wel veilig is en welke dosering men zou moeten gebruiken. In een tweede fase wordt dan bij een grotere groep nagegaan hoe het afweersysteem reageert (hoeveel antistoffen worden er bij verschillende doses opgebouwd). In de derde fase wordt tenslotte aan meerdere 10-duizenden proefpersonen het vaccin toegediend. Tegelijkertijd krijgt een groep die van samenstelling (leeftijd, geslacht, leefgewoonten…) hetzelfde is als de gevaccineerde groep een placebo (een spuitje zonder werkzame stof) toegediend. Dit gebeurt in wat men een dubbel-blindstudie noemt. Noch de onderzoeker, noch de proefpersoon weet wie een vaccin en wie een placebo krijgt. In deze fase wordt ook duidelijk of er zeldzame nevenwerkingen optreden die men niet gezien zou hebben in de eerdere fases.
In normale omstandigheden worden deze fases één voor één afgehandeld. Na iedere fase bestudeert men de resultaten en begint men met de volgende fase. Bij de ontwikkeling van het Covid-19-vaccin is men al met een nieuwe fase begonnen voordat de vorige volledig was afgelopen. Op die manier wint men natuurlijk heel veel tijd. Het risico van deze aanpak is dat men een hoop werk steekt in een fase die achteraf niet kan gebruikt worden.

Een aantal bedrijven zijn trouwens al begonnen met de productie van de vaccins nog voor er een officiële goedkeuring is. Hierbij nemen ze natuurlijk ook weer een groot risico. Als de goedkeuring niet volgt moeten al deze reeds geproduceerde vaccins vernietigd worden. Anderzijds winnen ze hier ook zeer veel tijd. Als de goedkeuring wel volgt, dan liggen de vaccins bij wijze van spreken ’s anderendaags bij de apotheker. Ook in het goedkeuringsproces is het ‘all hands on deck’. Bijna alle dossiers die nog op een goedkeuring wachtten, werden aan de kant geschoven om zich te kunnen toeleggen op de beoordeling van de potentiële Covid-19 vaccins.

Is het wel veilig en zijn er dan geen bijwerkingen?
We kunnen er dus vanuit gaan dat de beschikbare vaccins veilig zijn. Bijwerkingen zijn echter nooit uit te sluiten. Dit geldt trouwens ook voor andere, reeds lang gebruikte vaccins. De meest voorkomende plaatselijke bijwerkingen zijn zwelling of pijnlijk gevoel ter hoogte van de injectieplaats. Ook meer algemene bijwerkingen kunnen optreden: een licht koortsig gevoel, wat hoofdpijn, wat vermoeidheid… Dit zijn dezelfde bijwerkingen die ook bij andere vaccins optreden. We gaan bij een vaccinatie nu eenmaal ons afweersysteem triggeren, en dit gaat gepaard met een reactie van het lichaam, maar zonder dat we echt ziek worden.

Ook na het op de markt brengen worden vaccins opgevolgd. Zeldzame bijwerkingen kunnen op deze wijze later nog aan het licht komen. Ook hier is er geen verschil met andere/oudere vaccins.

Sommige mensen maken zich ongerust over de ‘hulpstoffen’ die in sommige vaccins zitten. Dan gaat het meestal over aluminium. Dit zou toxisch voor onze hersenen zijn. De hoeveelheid aluminium in 1 dosis vaccin is echter amper 10% van de hoeveelheid die we dagelijks mogen binnenkrijgen. Hetzelfde kan gezegd worden van formaldehyde. Eén vaccin bevat ongeveer 0.1 mg van deze stof terwijl in een peer van 100 gr een kleine 5 mg formaldehyde is terug te vinden. Ook deze hulpstoffen vormen m.a.w. geen enkel gevaar.

Is het vaccin wel werkzaam genoeg?
Nogal wat mensen maken zich ongerust dat de vaccins die momenteel bekend zijn ‘maar’ voor 90 of 95% werkzaam zijn. Dit is echter een onverhoopt goed resultaat. Vooraf was gehoopt op minstens 50% werkzaamheid en was men blij geweest met 70%. De resultaten zoals die nu voorliggen zijn dan ook meer dan schitterend. Er is trouwens geen enkel vaccin dat 100% werkzaam is. Het poliovaccin komt met zijn 99% nog het dichtst in de buurt. Andere vaccins halen soms amper 50%. De werking is trouwens ook weer geen alles-of-nietsverhaal. Mensen waarbij het vaccin niet werkzaam blijkt te zijn (ze krijgen de ziekte ondanks vaccinatie) zullen vaak veel minder ziek zijn dan niet-gevaccineerde mensen. Vaccineren is daarenboven niet alleen een individueel gebeuren. Hoe meer mensen zich laten vaccineren, des te sneller we groepsimmuniteit zullen bekomen. Groepsimmuniteit betekent dat zoveel mensen antistoffen tegen een ziekte hebben, dat de ziekteveroorzaker zich moeilijk van de ene op de andere persoon kan overzetten. De kans dat een besmet persoon met een niet-besmet persoon in contact komt is immers zeer klein. Voor mazelen moet 95% van de mensen immuun zijn (door de ziekte doorgemaakt te hebben of door vaccinatie) om groepsimmuniteit te bekomen. Voor polio ligt dit cijfer op 80%. Wat het uiteindelijk voor Covid-19 wordt zal het voortschrijdend inzicht ons moeten leren. Momenteel gaat men uit van ongeveer 70%. Deze groepsimmuniteit is trouwens zeer belangrijk voor mensen die om een of andere reden (ziekte, medicatie…) niet mogen of kunnen gevaccineerd worden.

Bent u levenslang immuun na een vaccinatie?
Hoelang de immuniteit zal standhouden is nog niet duidelijk. De mogelijkheid bestaat dat deze in de loop van de jaren afneemt en dat men na bepaalde tijd opnieuw moet gevaccineerd worden. Dit is trouwens ook het geval bij sommige andere vaccins. Een andere mogelijkheid is dat het virus op een gegeven ogenblik muteert, een licht andere vorm gaat aannemen. Indien dergelijke mutaties zullen plaatsvinden zal dit naar alle waarschijnlijkheid gemakkelijk in een aangepast vaccin kunnen ‘ingebouwd’ worden. Dit is trouwens wat jaarlijks gebeurt met het griepvaccin. Het griepvirus heeft nu eenmaal de onhebbelijke eigenschap continu te muteren.

To vaccinate or not to vaccinate, that’s the question
In ons CLB Nieuws van September stelden we de vraag ‘To test or not to test, that’s the question’. Het ging dan in concreto over het bepalen van antistoffen tegen het Covid-19-virus in het bloed. Het antwoord was toen duidelijk negatief: testen heeft geen zin, toch niet op individuele basis. Deze keer moeten we de vraag volmondig met ‘Ja’ beantwoorden. Ja, vaccineren is zeer zinvol. En dit zowel op individueel als op groepsniveau. De weinige bijwerkingen die er zijn, wegen niet op tegen de voordelen. En om terug te keren naar onze titel: nee, u wordt er niet autistisch van (en jammer genoeg valt u van gin-tonic ook niet af).

CLB Group
Industrieterrein Kolmen 1085
3570 Alken
011 31 23 41
011 31 45 67
Volg ons op